Crompvoets + Raafs Advocaten

Verblijfsrecht voor pleegkinderen

Verblijfsrecht voor pleegkinderen

Onlangs heeft Mr. van Mulken cliënten bijgestaan in een zaak over verblijfsrecht voor pleegkinderen. De cliënten hadden verblijfsrecht aangevraagd bij de IND voor hun twee Marokkaanse pleegkinderen. Sinds het overlijden van de vader van de kinderen, de broer van cliënte, woonde de kinderen bij hun grootouders in Marokko. Nadat ook de grootvader was overleden en de gezondheid van de grootmoeder verslechterde, heeft cliënte zich over de kinderen ontfermd. De leefsituatie en gezondheid van de kinderen bleek erbarmelijk te zijn. De cliënten hebben voor de kinderen verblijf aangevraagd op twee gronden: ‘verblijf als familie- of gezinslid’ en ‘verblijf als familie- of gezinslid voor pleegkinderen’. Voor de eerste grond is vereist dat de aanvrager biologische of juridische ouder van de kinderen is of feitelijk ouderschap over hen uitoefent. Voor de tweede grond is vereist dat de kinderen in kwestie een ‘onaanvaardbare toekomst’ zouden hebben in het land van herkomst. Volgens de IND was er geen sprake van zowel een feitelijk ouderschap als van een onaanvaardbare toekomst. Cliënten hebben tegen deze beslissing bezwaar gemaakt.

Biologisch, juridisch of feitelijk ouderschap

De cliënten betogen dat zij wel degelijk juridisch ouderschap uitoefenen. Dit blijkt onder andere uit het feit dat ze in Marokko als juridisch ouder waren aangemerkt en als enige bevoegd waren om beslissingen ten aanzien van de kinderen te nemen. Daarnaast betogen ze dat ze, naast het juridische ouderschap, ook het feitelijke ouderschap uitoefenen. Cliënten bekostigden het levensonderhoud van de kinderen, regelden de verzorging en medische zaken. Sinds het overlijden van de vader van de kinderen heeft cliënte tevens dagelijks digitaal contact met de kinderen gehad. Tenslotte is cliënte een tijd naar Marokko gegaan om zich over de kinderen te ontfermen. Hun leefomstandigheden waren zeer slecht en hun gezondheid ging achteruit. Cliënte heeft de kinderen verzorgd en medische hulp geregeld. Hieruit blijkt dat de cliënte feitelijk de rol van ouder uitoefende.

Onaanvaardbare toekomst

Volgens de IND was er geen sprake van een onaanvaardbare toekomst voor de kinderen in Marokko. In bezwaar, betogen cliënten dat er wel sprake was van een onaanvaardbare toekomst. Ten eerste waren er geen andere familieleden geschikt om de kinderen op te voeden. De leefsituatie in Marokko werd bovendien met de dag slechter. De kinderen leefden zwaar onder de armoedegrens en waren in slechte fysieke gezondheid. Een van de kinderen had ook een slechte mentale gezondheid, die alsmaar verslechterde door het gebrek aan een stabiele omgeving en zorg. Het andere kind was al eerder in de prostitutie en het straatleven beland. Het risico dat ze hierin opnieuw zou belanden als ze in Marokko zou blijven, was aannemelijk. Tenslotte hadden de kinderen behoefte aan medische hulp en speciale scholing, die ze in Marokko niet zouden kunnen krijgen. Al deze omstandigheden duidden erop dat de kinderen een onaanvaardbare toekomst zouden hebben in Marokko.

Bezwaar gegrond

Het bezwaar van cliënten is afgelopen maand gegrond verklaard. Er was inderdaad sprake van juridisch en feitelijk ouderschap en een onaanvaardbare toekomst voor de kinderen.  Dit betekent dat de pleegkinderen recht hebben om naar Nederland te komen en hier voorlopig te verblijven.

 

Heeft u vragen omtrent gezinshereniging of andere zaken rondom asiel- en migratierecht? Neemt u dan gerust vrijblijvend contact op met ons kantoor via 043-3510577 of info@cr-advocaten.nl.